Een vorm van beschaving

Een Vorm van Beschaving

Uitgaande van een ‘integraal mens- en wereldbeeld’ zoekt Klaas van Egmond naar universele menselijke waarden. Het blijkt dat juist het streven om vast te houden aan het midden, in plaats van door te schieten naar extremen, als leidend principe kan worden beschouwd. Dit biedt perspectief op een werkelijk duurzame toekomst.

Zo’n kleine 25 jaar nadat de Brundtland-commissie in Our Common Future de eerste contouren van een duurzame ontwikkeling schetste, is nog steeds niet duidelijk wat er dan wel ‘ontwikkeld’ zou moeten worden. Vanwege die onduidelijkheid is het zinvol om te zoeken naar een overkoepelend, ‘integraal mens- en wereldbeeld’, waar diverse waardeoriëntaties deel van uitmaken en dat gezien kan worden als ‘het algemeen menselijke’. Op grond van zo’n gemeenschappelijke noemer zou dan een zekere mate van overeenstemming kunnen worden bereikt over wat in een kleine wereld met erg veel mensen nog nastrevenswaardig is en wat dan de maatschappelijke doelstelling zou kunnen zijn.

Om een beeld te krijgen van dit ‘integrale mens- en wereldbeeld’ is gebruik gemaakt van drie verschillende bronnen: maatschappelijke enquêtes om na te gaan wat hedendaagse mensen er zelf van vinden, de filosofie, de literaire en de muzikale meesterwerken van de afgelopen eeuwen en de ervaringen die in de loop van de tijd zijn opgedaan in het ‘laboratorium van de geschiedenis’.

De grootste gemene deler van de diverse wereldbeelden wordt gevormd door een verticale relatie die het contrast beschrijft tussen een meer geestelijke en een meer materialistische houding en een horizontale relatie die de tegenstelling beschrijft tussen het ‘deel’ en het ‘geheel’. De discussie over de verticale relatie tussen geestelijke (idealistische) en materialistische waarden, wordt na duizend jaar nog steeds beheerst door de alsmaar voortgaande strijd tussen religie en wetenschap. De horizontale relatie beschrijft de relatie individueel versus collectief. Blijkbaar moet de mens zich staande zien te houden tussen ‘hemel en aarde’ in de verticale relatie en tussen zijn ‘ik’ en ‘de anderen’ in de horizontale relatie.

Patronen in de opeenvolging van wereldbeelden

Verschillende wereldbeelden blijken gedurende tijdsperioden te domineren en elkaar in een specifieke volgorde op te volgen. Deze volgen elkaar op in een, tegen de wijzers van de klok in, draaiende volgorde. De achtereenvolgende wereldbeelden (Absoluut idealisme, Subjectief idealisme, Modernisme en Postmodernisme) blijken de grondpatronen te zijn de meest relevante historische ontwikkelingen van de westerse cultuur.

Kwadrantencirkel Klaas van Egmond

Uiteindelijk bereikt de westerse cultuur in het kwadrant rechtsonder (zie afbeelding) de vooralsnog laatste fase van haar ontwikkeling in de huidige, post-moderne periode waarin een combinatie van materialistische en individualistische waarden domineert. De in die cultuur levende ‘laatste mens’ is decadent geworden en overwegend gericht op hedonisme, ‘plezierig’ leven en het eigen ego.

Wanneer deze trendmatige ontwikkeling zich voortzet, mag verwacht worden dat de komende periode zal worden gedomineerd door de waarden die horen bij het post-modernistische wereldbeeld. Maatschappelijk komt dat vooral tot uiting in een sterk individueel-materialistische oriëntatie. Daarna zal de waardeoriëntatie verschuiven in de richting van het wereldbeeld dat gericht is op kleinschaligheid. Verschillende maatschappelijke trends en actuele inzichten bevestigen het in eerdere hoofdstukken gegroeide vermoeden dat de maatschappij zich in deze richting ontwikkelt. Op grond van deze verwachting doemen er voor de toekomst drie waarschijnlijke scenario’s op:

  • Scenario 1. Schaarste en conflicten

Een eeuw van mondiale conflicten over schaarse energie, grondstoffen en voedselvoorraden. In dat geval is het niet ‘realistisch’ gebleken om de tegenstellingen te overbruggen. In dit postmodernistische wereldbeeld en het daarbij behorende scenario ziet de toekomst er slecht uit; culturele blokvorming, hoge bevolkingsgroei, hoge mate van materiële consumptie en de resulterende competitie om grondstoffen en voedsel. De ontwikkeling is niet duurzaam en loopt uit op hedonisme, decadentie, cultureel verval en extreme eigendomsverhoudingen. Op lokale schaal trekken burgers zich terug in ‘gated communities’ om zich tegen de toenemende criminaliteit te beschermen.

  • Scenario 2. Idealisme en orientatie op de lokale omgeving

De overgang van de huidige post-modernistische samenleving naar het meer idealistisch –
individualistische wereldbeeld, zoals dat wordt gekenmerkt door een minder materialistische houding en een oriëntatie op de lokale schaal; in het huidige tijdsbeeld zijn dat de idealistische en klimaatneutrale ‘transition towns’. Het is zeer de vraag of vanuit deze, ook weer eenzijdige oriëntatie, de fysieke en bestuurlijke energie kan worden opgebracht om de straks tot meer dan negen miljard mensen toegenomen wereldbevolking te onderhouden.

  • Scenario 3. Overwinnen van eenzijdigheid door oriëntatie op het midden

Verschuiving van de overheersende waardeoriëntaties naar het midden van het integrale wereldbeeld, waardoor de eenzijdigheden van de verschillende afzonderlijke wereldbeelden(kwadranten) kunnen worden voorkomen. Het zal dan mogelijk zijn om aan de ene kant de
bevolkingsomvang te stabiliseren, aan de andere kant de materiële consumptie en milieudruk te matigen en tegelijkertijd de bureaucratie beheersbaar te houden. Afgezien van dit wenkend perspectief op materieel vlak wordt met de verschuiving naar het midden werkelijke maatschappelijke vrijheid gerealiseerd.

Zolang het evenwicht tussen de wezenlijk menselijke waardeoriëntaties behouden blijft is er sprake van beschaving en duurzame ontwikkeling. Daarbij worden de middelpuntvliedende, naar eenzijdigheid strevende krachten verzwakt en de middelpuntzoekende krachten versterkt. De middelpuntzoekende krachten sturen de ontwikkeling naar het midden van het integrale mens- en wereldbeeld. In dat gebied kan de mens in ‘werkelijke’ vrijheid functioneren‘ zoals hij blijkbaar bedoeld is en blijft hij ver van de catastrofes van de periferie.

Een nieuw ethisch kader dient zich aan

Daarmee biedt het integrale mens- en wereldbeeld een nieuw ethisch kader. De middelpuntzoekende krachten zijn ’goed’ omdat ze bijdragen aan de nu concreet gedefinieerde ‘menselijke waardigheid’ en het wezenlijke van mens en samenleving tot uitdrukking brengen. De middelpuntvliedende krachten kunnen als ‘slecht’ worden gezien, omdat ze de individuele en maatschappelijke ontwikkeling naar de eenzijdigheid voeren, wat in de praktijk neerkomt op de rampspoed en barbarij van de periferie. Tegenover dit ‘kwaad’ staat aan de andere kant van het cirkelvormige mensbeeld niet het ‘goede’, maar een ander ‘kwaad’; het ‘goede’ ligt er tussen in, ergens in het midden. Zo staat tegenover fundamentalistische religie linksboven buiten de cirkel, aan de tegengestelde rechtsonder kant een even fundamentalistisch kapitalisme. Tussen die twee ‘kwaden’ in moet de politiek het ‘goede’ midden zien te vinden en zien te bewaren.

Alleen door het op tijd onderkennen van middelpuntvliedende krachten en het ontmoedigen daarvan, kan worden voorkomen dat de wereld opnieuw uitloopt op een catastrofale karikatuur. Daarmee kan worden voorkomen dat deze eeuw wordt beheerst door oorlogen die worden gevoerd om de resterende grondstoffen te bemachtigen en door de egoïstische strijd van iedereen tegen iedereen; alleen op die manier kan de beschaving behouden blijven.

De ‘Omcirkeling van het midden’ blijkt een universeel principe te zijn. Het leidt tot werkelijke vrijheid en zelfbewustzijn. De belangrijkste middelpuntzoekende kracht is de betrokkenheid op de Ander, empathie, naastenliefde en het zuivere altruïsme, waartoe de mens zowel vanuit religieus als niet-religieus oogpunt in staat is. Het is maatschappelijk en individueel de beste garantie voor ‘duurzame ontwikkeling’. Een samenleving die zo’n wereldbeeld tot op redelijke hoogte nastreeft, realiseert ‘van nature’ een duurzame ontwikkeling.

Die boodschap is niet nieuw, maar wordt ons al eeuwenlang door vele, zo niet alle religies voorgehouden. Ook de grote literaire en muzikale meesterwerken van Shakespeare tot Mozart, Beethoven, Wagner en Mahler getuigen hier onmiskenbaar van. Nu de gevolgen van voorspelbare, komende crisissituaties steeds groter worden, wordt het tijd die boodschap ter harte te nemen.

Klaas van Egmond is hoogleraar Geowetenschappen (in het bijzonder Milieukunde en Duurzaamheid) aan de Universiteit Utrecht en werkzaam binnen het Utrecht Sustainability Institute. Deze tekst is een samenvatting van het boek Een Vorm van Beschaving  dat onlangs in een sterk herziene en uitgebreide versie is verschenen.

 

You may also like...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>